Archives for: January 2010
Vorige week zaterdag stierf mijn moeder
Dat wil zeggen: toen mijn moeder in 1980 stierf, was ze net zo oud als ik die zaterdag was. Ik ben nu ouder dan mijn moeder. Gisteren beleefde ze niet meer. De afgelopen week was zij dood. Ik leefde.
Ik had het al eens uitgerekend en toen in mijn agenda gezet, dus van de week werd ik er aan herinnerd. Het is raar. Niet dat ze zo jong was toen ze dood ging, maar nu kan ik de laatste tien jaar van haar leven naast mijn eigen laatste tien jaar leggen. En ik geloof niet dat er twee vrouwenlevens meer afwijken dan die twee.
Als er één overeenkomst is, dan is het we in die periode allebei depressief zijn geweest. Maar zij begon tien jaar geleden met ziek zijn. Een vleesboom in haar baarmoeder, waar ze pas na twee jaar aan geholpen wordt. Die twee jaar is ze vreselijk moe, ligt 's avonds op de bank. Met Spankertje, onze hond. Die aan het voeteneind begint en die je niet ziet bewegen, maar die na anderhalf uur in haar armen ligt. Zonder dat ie bewoog.
Ik ben 13. Zij 43.
Dan, twee jaar later, wordt ze geopereerd aan die vleesboom. Ze begint veel te snel weer met werken, en binnen het jaar moet ze weer onder het mes omdat er inwendige hechtingen gesprongen zijn.
Ik ben 15. zij 45.
In de zomer van 1973 ga ik voor het eerst met mijn ouders naar het buitenland op vakantie. We gaan naar Zwitserland. Kamperen. Met mijn oom en tante. In een geleende tent. Een groot deel van de tentstokken is thuis blijven liggen.
In oktober van dat jaar leren Con en ik elkaar kennen. De zomer erna, de zomer dat mijn moeder voor de tweede keer geopereerd moet worden, krijgen we verkering.
In de jaren daarna is mijn moeder depressief en raakt ze verslaafd aan alcohol. Maar dat laatste weet ik pas nadat Con en ik in 1975 getrouwd zijn en ik het huis uit ben.
In 1978 lijkt ze een en ander weer een beetje te boven te zijn. Maar dan blijkt dat ze longkanker heeft. En in 1980 sterft ze.
Ik ben 23. Zij is 53.
53 jaar en 2 maanden. Dat ben ik nu ook. En ik leef nog. En ik ben de afgelopen week dan wel even heel ziek geweest, de afgelopen tien jaar waren voor mij heel anders.
Ik ben wel depressief geweest. Burnout, overwerkt, hoe je het wilt noemen. En ik slik daar tegenwoordig medicijnen voor. Die ook vooral ervoor zorgen dat ik minder 'uit de bocht' vlieg.
Ik heb ook geleerd dat ik van meer dan één man kan houden. Of liever gezegd: ik heb geleerd dat dat vaker voorkomt, een naam heeft (polyamorie) en dat betekent dat ik nu samenwoon met twee mannen. Voor mijn gevoel getrouwd ben met twee mannen (hoewel dat officieel in Nederland niet kan).
Mijn moeder heeft dat nooit geweten. Zij is al bijna dertig jaar dood.
Omgaan met wetenschap(pers)
Wetenschappers zijn net mensen.
Er zijn mensen die dwepen met wetenschap.
Je kunt niets beweren zonder een of ander onderzoek aan te halen. Afhankelijk van wie dat onderzoek uitvoerde wordt het beweerde dan al of niet voetstoots aangenomen.
Er zijn ook mensen die wat kritischer zijn. Die het beweerde ook wetenschappelijk benaderen:
Open, zonder vooroordeel, nuchter.
archeoloog Ruud van Veen:
Want iemand die meent dat de ‘officiële’ wetenschap niet gewantrouwd mag worden beschouwt haar dus als een soort religie en zal heel veel van zijn kennis, zo niet alles, op gezag aangenomen hebben. Een verbod op het wantrouwen van de wetenschap is dan ook wel nodig om het geloof er in te houden, want wie een kritische blik durft te werpen op de prestaties ervan merkt al snel dat daar heel veel op aan te merken valt. De ‘officiële’ wetenschap heeft bijvoorbeeld geen kans gezien om een geloofwaardige uitleg van het Gallische deel van de Peutinger-kaart te produceren.
(Bron: Semafoor/Ruud van Veen)
Wetenschappers onderling weten ook van wanten, vooral in de wat nieuwere takken van sport: Paleontologie, Psychologie, Genen (DNA), Sterrenkunde.
Neem nu Galilei, de Amsterdamse huisarts du Bois (Javamens), de Australische curator op Witwatersrand univ die te maken had met de vondsten in Sterkfontein, Darwin, Delahaye om er enkele te noemen, die op hun (be)vindingen maatschappelijk werden uitgekotst dan wel geridicuuld.
Soms door religieuze voorschriften, soms door jaloerse collega’s, soms door pure onnozelheid.
Neem nu de gemeente Nijmegen: die in een kort bestek (65 jaar) haar 700, 1800, 1850 en 2000 jarig bestaan vierde. Waarvan alleen het eerste de enige juiste is.
Maar wel hun archivaris (Albert Delahaye) die dit ontdekte (eerste klokkenluider?) de laan uitstuurde.
De lijst is eindeloos, hoor. En op veel wetenschappelijke terreinen.
Hebben we dan niets aan wetenschap?
Natuurlijk hebben we dat wel. Dat is buiten alle discussie.
Maar …… benader het kritisch. Benader het open, en vaak, met gezond verstand.
Accepteer niet alles klakkeloos en VOORAL niet (alleen) omdat het werd gesteld/onderzocht/verdedigd door iemand van naam.

Reacties